Skip to content
Terug naar Kworia

Belgische uitstel van volledige implementatie van tijdelijke goederenplaatsing in EU

België heeft de volledige implementatie van punt 1 van circular 2026/C/60, die de BTW-behandeling van tijdelijke grensoverschrijdende goederenplaatsing in het kader van dienstverlening regelt, uitgesteld tot 1 juli 2028. Dit besluit creëert een tussenperiode die loopt tot en met 30 juni 2028, waarin bedrijven die deze grensoverschrijdende tijdelijke goederenregelingen gebruiken, profiteren van een vereenvoudigde BTW-registratievereiste.

Kworia 2 min leestijd AI-gegenereerde inhoud — Hoe deze site wordt gemaakt
België heeft de volledige implementatie van punt 1 van circular 2026/C/60, die de BTW-behandeling van tijdelijke grensoverschrijdende goederenplaatsing in het kader van dienstverlening regelt, uitgesteld tot 1 juli 2028. Dit besluit creëert een tussenperiode die loopt tot en met 30 juni 2028, waarin bedrijven die deze grensoverschrijdende tijdelijke goederenregelingen gebruiken, profiteren van een vereenvoudigde BTW-registratievereiste.

Belangrijkste punten

  • De Belgische financiële autoriteiten hebben de implementatie van punt 1 van circular 2026/C/60 uitgesteld tot 1 juli 2028.
  • Tijdelijke goederenplaatsing in andere EU-lidstaten vereist geen BTW-registratie in de bestemmingsstaat, mits de belastingplichtige reeds BTW-geregistreerd is in België.
  • Bedrijven moeten de transporten van goederen registreren in hun boekhouding en documentatie bij de hand hebben voor inspecties.
  • De regelgeving is vooral relevant voor bedrijven in de bouw, industriële diensten en professionele dienstverlening.
  • Volledige implementatie is gepland voor 1 juli 2028, waardoor bedrijven ongeveer 21 maanden hebben om zich voor te bereiden.

Context

De Belgische financiële autoriteiten hebben besloten om de implementatie van bepaalde bepalingen inzake BTW op tijdelijke grensoverschrijdende goederenplaatsing uit te stellen. Deze beslissing is vastgelegd in circular 2026/C/60 en betreft specifiek punt 1, dat de BTW-behandeling regelt bij tijdelijke plaatsing van goederen in een ander EU-lidstaat in het kader van dienstverlening. De uitstel tot 1 juli 2028 biedt bedrijven een tussenperiode van bijna twee jaar om zich aan te passen aan de nieuwe regels.

Tijdelijke Vereenvoudigde BTW-registratie

Tijdens deze tussenperiode is het niet nodig voor een belastingplichtige om zich te registreren voor BTW in de bestemmingsstaat, mits zij reeds BTW-geregistreerd zijn in België. Dit vereenvoudigde pad is echter onderworpen aan bepaalde voorwaarden: de belastingautoriteiten van de bestemmingsstaat moeten een gelijkwaardige positie innemen. Dit betekent dat Belgische bedrijven en hun adviseurs actief moeten blijven volgen hoe andere EU-lidstaten zich hiertoe positioneren.

Omgekeerde Scenario's

De regelgeving geldt ook in omgekeerde gevallen, waarbij goederen tijdelijk uit een ander EU-lidstaat naar België worden gebracht in het kader van dienstverlening. Ook hier moeten de belastingautoriteiten van de herkomststaat een overeenstemmende positie innemen voor de vereenvoudigde behandeling.

Wat verandert er in de praktijk

De nieuwe regelgeving heeft belangrijke implicaties voor bedrijven die regelmatig goederen tijdelijk grensoverschrijdend verplaatsen. De vereenvoudigde BTW-registratievereisten verminderen de administratieve lasten aanzienlijk, maar er blijven belangrijke compliance-verplichtingen.

Accounting- en Documentatieverplichtingen

Belastingplichtigen moeten de transporten of verscheping van goederen registreren in hun boekhouding op een manier gelijkwaardig aan het niet-overdrachtregister dat voorgeschreven is in artikel 54bis van de Belgische BTW-wetgeving. Daarnaast moeten zij op verzoek van de belastingdienst bewijsdocumentatie kunnen voorleggen.

Compliance-verplichtingen

Hoewel de nieuwe regelgeving de administratieve lasten vermindert, blijven er belangrijke compliance-verplichtingen. Bedrijven moeten zorgen voor correcte registratie van grensoverschrijdende goederenbewegingen en documentatie bij de hand hebben voor eventuele inspecties door de belastingdienst.

Implicaties voor Bedrijven

De nieuwe regelgeving is vooral relevant voor EU-based service providers die regelmatig apparatuur, gereedschap of materialen tijdelijk grensoverschrijdend verplaatsen. Dit omvat bedrijven in de bouw, industriële diensten en professionele dienstverlening.

Voordelen van de Tijdelijke Regelgeving

De tijdelijke regelgeving biedt aanzienlijke voordelen door de administratieve lasten te verminderen. Bedrijven hoeven zich niet in meerdere EU-lidstaten te registreren voor BTW, wat de administratieve lasten aanzienlijk vermindert.

Risico's en Uitdagingen

Ondanks de voordelen moet er rekening worden gehouden met enkele risico's en uitdagingen. De bilaterale voorwaarde betekent dat bedrijven actief moeten blijven volgen hoe andere EU-lidstaten zich hiertoe positioneren. Daarnaast moeten bedrijven ervoor zorgen dat hun boekhouding en documentatie aan de nieuwe eisen voldoen.

Uitkijken naar 2028

De volledige implementatie van de regels uit punt 1 van circular 2026/C/60 is gepland voor 1 juli 2028. Bedrijven hebben ongeveer 21 maanden vanaf de huidige datum (15 september 2026) om zich voor te bereiden op het permanente regime.

Voorbereidingsmaatregelen

Bedrijven moeten nu al beginnen met zich voor te bereiden op de volledige implementatie. Dit omvat het bijwerken van hun boekhoudings- en documentatiesystemen, het op de hoogte blijven van de standpunten van andere EU-lidstaten en het zekerstellen dat alle relevante processen aan de nieuwe eisen voldoen.

Toekomstperspectief

Hoewel de tijdelijke regelgeving aanzienlijke voordelen biedt, moeten bedrijven zich voorbereiden op de volledige implementatie in 2028. Het is belangrijk om nu al te beginnen met de nodige voorbereidingsmaatregelen om probleemloos over te schakelen op het permanente regime.

Veelgestelde vragen

Wat is de belangrijkste implicatie van deze uitstel voor Belgische bedrijven?
De belangrijkste implicatie is dat Belgische bedrijven die tijdelijk goederen plaatsen in andere EU-lidstaten, niet hoeven te registreren voor BTW in de bestemmingsstaat tot 1 juli 2028, mits ze reeds BTW-geregistreerd zijn in België.
Wat zijn de belangrijkste compliance-verplichtingen onder het tussenregime?
Belastingplichtigen moeten de transporten of verscheping van goederen registreren in hun boekhouding op een manier gelijkwaardig aan het niet-overdrachtregister en documentatie bij de hand hebben voor inspecties.
Hoe moeten bedrijven zich voorbereiden op de volledige implementatie in 2028?
Bedrijven moeten hun boekhoudings- en documentatiesystemen bijwerken, actief volgen hoe andere EU-lidstaten zich positioneren en zekerstellen dat alle relevante processen aan de nieuwe eisen voldoen.
Welke soorten bedrijven zijn het meest geraagd door deze regelgeving?
De regelgeving is vooral relevant voor EU-based service providers die regelmatig apparatuur, gereedschap of materialen tijdelijk grensoverschrijdend verplaatsen, zoals in de bouw, industriële diensten en professionele dienstverlening.
Wat gebeurt er als de belastingautoriteiten van de bestemmingsstaat geen gelijkwaardige positie innemen?
Als de belastingautoriteiten van de bestemmingsstaat geen gelijkwaardige positie innemen, is het vereenvoudigde pad niet van toepassing en moeten bedrijven zich wel registreren voor BTW in de bestemmingsstaat.
Delen: X LinkedIn Email

Gerelateerde artikelen